Warme lucht stijgt. In een woning zonder geïsoleerd dak verlaat een aanzienlijk deel van de warmte het gebouw langs boven, en dat is meteen het oppervlak dat het makkelijkst te bereiken is. Vandaar de vuistregel die iedere aannemer u zal geven: begin bij het dak.
Zoldervloer of dakvlak?
Wordt de zolder niet gebruikt en zal dat zo blijven? Dan is de zoldervloer isoleren sneller, goedkoper en even doeltreffend. De zolder blijft koud, maar dat maakt niet uit: de warmte blijft eronder. Voorwaarde is wel dat het luik of de trapopening mee wordt aangepakt — een niet-geïsoleerd zolderluik doet een groot deel van het werk teniet.
Wordt de zolder bewoond, of overweegt u dat ooit? Dan moet het dakvlak zelf worden geïsoleerd, tussen en bij voorkeur ook op de kepers. Dat is duurder, maar het is de enige manier om de ruimte bruikbaar te maken. En het moment om het te doen is wanneer het dak toch wordt vernieuwd: de kosten van stelling en afbraak zijn dan al gemaakt.
Het dampscherm is geen detail
Binnenlucht bevat vocht. Zonder barrière dringt dat vocht in de isolatie, koelt daar af en slaat neer als condens tegen de koude zijde. Natte isolatie isoleert niet meer, en het hout eromheen begint te rotten. Het dampscherm aan de warme zijde houdt dat vocht tegen — op voorwaarde dat het doorlopend is.
Doorlopend betekent: overlappingen dichtgeplakt, aansluitingen aan muren en balken afgewerkt, en elke doorboring voor een kabel of een spot hersteld. Eén niet-afgewerkte doorvoer volstaat om lokaal een vochtprobleem te veroorzaken. Wij zien dat bijna elke week bij daken die pakweg vijftien jaar geleden «goed» geïsoleerd zijn.
Even belangrijk: de luchtlaag tussen de isolatie en het onderdak. Die moet vrij blijven en aan onder- en bovenzijde kunnen ventileren. Isolatie die tot tegen het onderdak wordt geduwd, sluit die laag af. Dat is een van de meest voorkomende fouten die wij aantreffen in Zaventem en omgeving, waar veel daken achteraf akoestisch werden verzwaard.

Van binnen of van buiten
Van binnen isoleren kan zonder het dak te openen: de bewoners blijven ter plaatse, het weer speelt geen rol en de werf blijft beperkt tot de zolder. Nadeel: u verliest hoogte, en elke kepersbalk vormt een koudebrug tenzij er een tweede laag onder komt.
Van buiten isoleren — sarking — betekent het dak openleggen en de isolatie in doorlopende platen boven op de kepers plaatsen. Geen koudebruggen, geen verlies aan binnenruimte, en het houtwerk blijft zichtbaar wanneer u dat wenst. Het is de betere oplossing, maar ze heeft alleen zin wanneer de dekking toch vernieuwd wordt.
Premies: wat u zelf moet nakijken
Zowel het Vlaamse Gewest als het Brussels Hoofdstedelijk Gewest voorzien steun voor dakisolatie — in Vlaanderen via Mijn VerbouwPremie, in Brussel via het gewestelijke renovatiepremiestelsel. De bedragen, de voorwaarden en de aanvraagtermijnen worden echter regelmatig herzien.
Wij noemen daarom bewust geen cijfers op deze pagina: alles wat wij hier zouden zetten, is binnen een jaar achterhaald. Kijk de actuele voorwaarden na bij uw gewest vóór u de werken bestelt, want in de meeste stelsels moet de aanvraag ná de factuur maar binnen een bepaalde termijn gebeuren, en soms zijn er eisen aan de R-waarde of aan de aannemer.
Wat wij wel doen: de technische gegevens leveren die u voor zo’n dossier nodig hebt — het type isolatie, de dikte, de R-waarde en een factuur die die gegevens vermeldt. Vraag het gerust vooraf, dan zetten wij het meteen correct op het document.
Deze prestatie in uw gemeente


